Pinpas

25-1-2016 11:16

Door Liesbeth Mende

Op het boodschappenlijstje staat jonge kaas. De kaas is in de aanbieding, maar het hele schap is leeg. Ik twijfel of ik een ander merk moet meenemen, een merk dat niet in de aanbieding is.  Mevrouw Oostvogel kan nogal grillig reageren. De ene keer vind ze het prima als ik een vervangend product meeneem, de andere keer vindt ze het idioot en wordt ze bijna boos. Ik gooi de kaas van het andere merk in de winkelwagen. Niet te lang twijfelen. Ik heb nog een uur waarin ik de boodschappen moet uitruimen en de keuken, badkamer en wc moet poetsen.

Ik snel naar de kassa en reken de boodschappen af met de pinpas van mevrouw Oostvogel. Vlug stop ik de boodschappen in plastic zakken, prop die in mijn fietstas en breng de winkelwagen terug. Als ik het wagentje terug zet, stop ik de euro in mijn jaszak en dan voel ik dat de pinpas weg is. Hoe kan dit? Ik speur de grond af om te kijken of het op de grond is gevallen. Mijn hart klopt in mijn keel. Zenuwachtig voel ik in mijn jas- en broekzakken. Ik ga terug de winkel in en speur de vloer af. Ik vraag aan de kassière of er iets gevonden is. Buiten kijk ik nogmaals op de grond bij de winkelwagentjes. Nergens is de groene bankpas van mevrouw Oostvogel te zien. Net had ik hem nog, ik heb er net mee betaald. Na drie keer alles afgezocht te hebben, geef ik het op. Met lood in mijn schoenen fiets ik terug naar mevrouw Oostvogel.

'Dit ga je me niet aan doen.' Mevrouw Oostvogel kijkt me woest aan. Ik heb het gevoel dat ik elk moment in tranen kan uitbarsten. Waarom was ik zo haastig? In mijn hoofd was ik al bezig met de keuken en de badkamer. Mevrouw Oostvogel balt haar vuist. ‘Dit meen je toch niet?’ Haar vurige ogen verschroeien bijna mijn huid.                                                                                                       

Ik zeg dat het me spijt. Dat ik haastig was. De woorden komen hakkelig uit mijn mond. Zonder iets te zeggen stapt mevrouw Oostvogel naar de telefoon en pakt de hoorn van de haak. Met haar middelvinger drukt ze hard de toetsen in. ‘Christina, met mama,’ zegt ze in de hoorn. Ze vertelt haar dochter dat ik haar pinpas kwijt ben geraakt. 'Dan ben je toch dom!' schalt ze door de telefoon. 'Dat is toch zo? Dat is toch dom?'

Ik hoor sussende geluiden aan de andere kant van de lijn. Mijn handen trillen. Ik ben dom. Als een stout kind sta ik in de kamer en luister hoe er over me gepraat wordt.

‘Ik vind het dom!’ roept mevrouw Oostvogel. Ze zucht diep en vraagt haar dochter wat ze nu moet doen. Ik loop naar de keuken en begin te poetsen. Het werk moet worden afgemaakt.

Stil doe ik de afwas en boen ik het aanrecht. Als ik terug de kamer in kom, zit mevrouw Oostvogel nog steeds op de stoel naast de telefoon. ‘Christina heeft alles geblokkeerd,’ zegt ze, ‘Nu moet ik alles opnieuw aanvragen.’ Ze staart boos voor zich uit. ‘Ik begrijp nog steeds niet hoe dit kan.’

‘Ik ook niet,’ zeg ik.

‘Hoe was het bij de Dirk?’ vraagt ze. ‘Hadden ze alles?’

‘De kaas van de aanbieding was op.’

‘Wat heb je gedaan?’

‘Een ander merk gekocht.’

Mevrouw Oostvogel kijkt me recht aan met haar felle ogen. ‘Had je niet moeten doen,’ roept ze. ‘Morgen neemt Christina kaas van de markt mee. Dat weet je toch?’

Ik loop de kamer uit. De badkamer en de wc moeten nog gedaan worden.

Afbeelding / www.nieuwestadsblad.nl

Rubriek Stof

Liesbeth Mende

Liesbeth Mende (1975) werd geboren in België, groeide op in het Brabantse Wouw en studeerde dramaschrijven in Utrecht. Inmiddels is Rotterdam al jaren haar thuisbasis. Om niet...

Bekijk profiel