The New Commons, deel 2

24-3-2015 12:31

Door Rini Biemans

Dokter Biemans deelt het recept van de 'gelukkige stad'

 

Grootste struikelblok om een succesvolle ‘participatiesamenleving’ tot stand te brengen is de professionalisering van zowat al het denkbare. Niet alleen de werkende burger is de afgelopen decennia in toenemende mate professional geworden, almaar eenzijdiger gericht op zijn of haar takenpakket in de ratrace, maar ook de zorg en het (groen)onderhoud is steeds meer in handen gevallen van (dure) professionals. Gevolg? Vooral in ‘kwetsbaar’ Rotterdam is de band met buren, omgeving en buurt sterk achteruit gegaan, waardoor (huiselijke) problemen hardnekkiger en onzichtbaarder zijn geworden, de buitenruimte is verwaarloosd en extra geld voor professionele oplossingen allang geen beter resultaat meer oplevert. Wat dan wel? Dokter Biemans legt de ‘New Commons’ voor u uit.     

 

Wie door zijn oogharen naar vooral de kwetsbare delen van Rotterdam kijkt, ziet dat er nieuwe vormen van verbinding aan het ontstaan zijn. Dit nieuwe domein leeft precies dáár op – en dat is het krachtige – waar de professionele scheidslijnen zwakker worden, in het ‘midden’, zogezegd, tussen de mensen in. Het zijn maar kreten natuurlijk, maar wat je onder begrippen als ‘deeleconomie’, ‘cocreatie’, ‘kanteling’, ‘transitie’, ‘sociale innovatie’, ‘groene energie’, ‘stadslandbouw’, ‘wijkcoöperatie’ en ‘burgerkracht’ ziet opbloeien, verenigt zich door een nieuwe mentaliteit van aandacht en zorg voor de directe omgeving. Het gaat, kortom, allemaal over – ouderwets? – samen dingen doen en delen. Zonder dat de bijl van managementlagen, functieomschrijvingen en ellenlange richtlijnen de zaak weer in (uiteindelijk destructieve) deelgebiedjes opsplitst. In dit nieuwe speelveld zie je verschillende samenwerkingsverbanden opbloeien, zoals de Creative Commons (het delen van ideeën) en de De Collaborative Commons, (het delen van spullen/diensten).

 

‘New Commons’ geworteld in de wijk

Maar het belangrijke en meest verbindende domein, waar ook de Creative Commons en De Collaborative Commons samenkomen, is wat we noemen de Common Commons. Dit is het gebied van de dagelijkse omgang met elkaar. En dit is eenvoudig en op natuurlijke wijze functioneel te verbinden met het dagelijks zorgen voor elkaar en omgeving.Deze samengestelde ‘new commons’ (‘Creative’, ‘Collabarative’ en ‘Common’) zouden bij elkaar ‘het dynamische ‘hart’ van het publieke domein in onze samenleving moeten worden. Binnen deze ‘new commons’ gaan wij, mensen, onze samenleving op microniveau vormgeven; elkaar ontmoeten, van elkaar leren en elkaar helpen. Deze ‘new commons’ zijn geworteld in de wijk en voor iedereen toegankelijk. Ze kunnen dus door iedereen gebruikt worden, ten gunste van de wijk en zichzelf. Dit domein omvat de directe nabijheid van mensen, gebaseerd op gemeenschappelijke bezit, gemeenschappelijke verantwoordelijkheid en gemeenschappelijk gebruik/toegang.

 

Onontkoombare correctie op de verzorgingsstaat

De ontwikkeling van deze 'nieuwe praktijk' corrigeert geleidelijk drie systeemfouten, die aan de basis liggen van de huidige professionaliseringsobsessie en de schizofrene praktijk die daar het gevolg van is. En daarmee de ‘nieuwe praktijk’ van de ‘new commons’ vertraagt en, in het slechtste geval, in de weg staat.

 

1. Discrepantie theorie/beleid en de dagelijkse praktijk

 

Door de achterhaalde uitgangspunten van de verzorgingsstaat stuurt ‘het oude theorie/beleid complex’ de praktijk gebrekkig aan. De nieuwe praktijk dient vanuit nieuwe uitgangspunten te worden gestuurd en ontwikkeld. Hierbij hoort een ander mensbeeld (van rationeel naar sociaal) en bijgevolg een nieuwe manier van organiseren. ‘New commons’!

 

2. De verkokering en specialisatie doorgevoerd tot op microniveau

 

De – naar nu blijkt – te ver doorgevoerde efficiency en eenzijdige sturing vanuit ‘boven’, heeft dit inmiddels geleid tot een nagenoeg absolute scheiding van het fysieke werkveld en het sociale werkveld. Deze dienen weer verbonden te worden, omdat ze allebei substantieel bijdragen aan de directe leefomgeving van mensen. Die verbinding gaat altijd via lokale mensen.

 

3. Het ‘verouderde’ verdienmodel

 

Voor de crisis werd, ter ontwikkeling van probleemwijken, de zogenaamde ‘trickle down’ aanpak toegepast, met investeringen in het vastgoed werd winst gemaakt, die dan weer ingezet zou worden voor de ‘sociale upgrading’ van wijken. Voorlopig is deze weg afgesloten. Er wordt nu op dezelfde investeringen verlies gemaakt en dit duurt nog zeker tien jaar in de gunstigste scenario’s. Er dient een nieuw verdienmodel te worden ontwikkeld om wijken duurzaam te verbeteren, dit keer via het ‘sociaal-fysieke domein’

 

Tuinman(m/v), honderd procent ‘Common Commons’

Als het om de ontwikkeling van de ‘New Commons’ gaat, is De Tuinman(m/v) hierbij de bijna perfecte wegbereider, omdat hij/zij het fysieke en sociale werkveld verbindt via het dagelijks onderhoud samen met bewoners. Deze aanpak kan gestaag worden uitgebreid met relevante autonome vakmensen in de frontlinie naast de Tuinman(m/v), bijvoorbeeld de Wijkzuster(m/v).

 

Het komende jaar 2015 wordt in deze ontwikkelling een ‘tussenjaar’, waarbij de nieuwe praktijk dient te worden voorbereid en verder gebracht. Tegelijkertijd is het ook een jaar waarbij de oude praktijk dient te transformeren. Met als extra complicatie dat de nieuwe praktijk op sommige punten zowat het omgekeerde is van wat we nu doen en gewend zijn.

 

Bewoners profiteren mee

Door de nieuwe praktijk te koppelen aan een fonds, de zogenaamde 'community bond', krijgt alles ook een gezonde, economische basis en kunnen bewoners financieel meeprofiteren van het verbeteren van hun wijk. 

 

Rubriek Dokter Biemans

Rini Biemans

Rini Biemans (1960) werkte als arts, werd vervolgens kunstenaar, eerst schilder en later zo’n beetje alles wat hij nog niet kon en wilde leren. Omdat hij zich meer en meer gi...

Bekijk profiel