'Sint Pim, bid voor ons!'

13-8-2018 15:22

Door Gastauteur

Manuel Kneepkens over de onopgemerkte heiligverklaring van Pim Fortuyn

Museum Catharijneconvent in Utrecht houdt in de herfst een tentoonstelling over relieken. Er zijn dan niet alleen botjes van heiligen te zien, maar …ook de sigarendoos van Pim Fortuyn! Het Dagblad Trouw (zaterdag 4 Augustus 2018) wijdde een voorbeschouwing aan die tentoonstelling met als kop ‘De koestering van relieken’. Daarin wordt gesteld: ‘Een reliek is een overblijfsel van het lichaam van een heilige of een voorwerp dat met een heilige in aanraking is geweest en waaraan wonderdadige kracht wordt toegekend.’ Nu heb ik het nooit zo gehad op het rechtspopulisme. Al die Wildersen, Thierry Baudets, twitterende Trumpen… wat heb  je aan dat soort politici? De problemen lossen ze niet op. Integendeel, ze bezorgen ons een stevig probleem er bij met hun onberaden, narcistisch gedrag. Pim Fortuyn, de oervader van het rechtspopulisme in Nederland, heeft bij mij dan ook nooit op waardering kunnen rekenen. Niettemin, ik zou het toejuichen als hij als heilige erkend wordt ! De heiligverklaring van zijn sigarendoos zie ik als een begin daarvan.  Pim’s heiligverklaring zou namelijk in een leemte voorzien. In de Rooms-Katholieke kerk  heeft zowat elke bevolkingsgroepering zijn heilige,  behalve … de homo’s . Weliswaar is er in homo- kringen veel verering voor Sint Sebastiaan met zijn mooie ranke jongenslijf, zo wreed door pijlen doorboord…maar de seksuele geaardheid van die Sebastiaan is onbekend.

Nee, dan  Pim…  met hem als heilige, een pronte belijder van homoseksualiteit, zou de Katholieke kerk adequaat homokringen kunnen bedienen. Paus Franciscus heeft gezegd, dat hij wat wilde doen aan de achtergestelde positie van de homoseksueel in de Katholieke Kerk. Dus wie weet...  Het is overigens niet de eerste keer dat de heiligverklaring van Pim Fortuyn pregnant  aan de orde is geweest… Ooit mocht ik als lijsttrekker  voor de Stadspartij Rotterdam optreden. Met name de gemeenteraadsverkiezingen van 2002, getekend door de opkomst van het Fortuynisme, zal ik niet gauw vergeten. Middenin drukte van die toenmalige hectische verkiezingsstrijd ontving ik een brief van de vrijwilligers van de Parochie van de H. Maria van Lourdes in Den Haag- Scheveningen.… Ze hadden hun jaarlijkse culturele zondagmiddag. En het verzoek was, of ik uit mijn poëzie wilde voorlezen.

Ja, natuurlijk! Zo vaak word ik nu ook weer niet uitgenodigd.

Helaas had ik die brief maar oppervlakkig ingezien. Ik was er even met mijn hoofd niet bij geweest. Dat kwam dus, omdat het toen in 2002 in Rotterdam bepaald geen tamme verkiezingsstrijd was. Het ging er vele malen heftiger aan toe dan in 1998. En dat kwam allemaal door Pim Fortuyn…  Die verbijsterende opmars van Pim Fortuyn in de polls had alles te maken met diens vrijwel dagelijks verschijnen op TV. Geen enkele andere politicus kreeg zoveel aandacht. TV- kijkend Nederland veerde op van het bankstel, als Professor Pim op de beeldbuis kwam. Eindelijk iemand die een einde maakte aan de saaiheid van het tweede paarse kabinet Kok! En die bovendien anti-immigratie, lees: anti- moslim was. Pim ’s aanhang was sinds 9/11 in New York met sprongen omhoog gegaan.

Het zag er dan ook naar uit dat de mensen als lemmingen op Fortuyn gingen stemmen.  Zouden de politieke partijen van Rotterdam, mijn eigen Stadspartij inbegrepen, door de Rotterdammers zonder boe of bah aan de dijk worden gezet voor Pim Fortuyn?  Iemand, die tot dan toe nog nooit iets voor ze had gedaan. Of zou gaan doen… Zo verklaarde Pim bijvoorbeeld, dat men het raadslidmaatschap wel met een middag in de week af kon! Iemand die zoiets zegt, neemt het raadswerk niet serieus en kan maar beter niet gekozen worden. Het ging Pim dan ook niet om Rotterdam . Hij had zo zijn eigen agenda. Want …niet Pim Fortuyn moest iets voor de Rotterdammers doen, maar …de Rotterdammers moesten iets doen voor Pim Fortuyn! Zorgen, dat hij een zo forse overwinning behaalde in de Rotterdamse gemeenteraadsverkiezingen, dat hij triomfantelijk door kon stoten naar Den Haag! Het is dit recept, dat Wilders en Thiery Baudet in de laatste verkiezing ( Maart 2018) hebben trachten te herhalen. Rotterdam als opstapje naar Den Haag. Het is misbruik maken van de gemeenteraadsverkiezingen van Rotterdam. Puur kiezersbedrog.

Maar zo ’n poëziemiddag tussendoor, dat kon wel even, dacht ik. Een week voor het optreden, las ik de brief nog eens. Ditmaal nauwkeurig. Ik had, helaas, een cruciale zin in de gauwigheid over het hoofd gezien: ‘Wij hebben uw Maastrichts Sprookje “de H. Eulalius van de Luijker Bossen” van het Internet geplukt. Leuk! Zou u het over Heiligen willen hebben?’

Heiligen!

Ik kon dus niet aankomen met mijn gebruikelijke riedel diergedichten:  De Zebra. De Leeuw. De Roodmaanvogel ( ‘Meneer K. , de roodmaanvogel bestaat niet!’ ‘Mevrouw dat is nou het aardige van poëzie. In het Rijk van de Poëzie bestaat hij wel degelijk!’) Enfin, het was nu rijkelijk laat om af te zeggen.  Maar heiligen… ja, die lieden met gouden aureolen om hun hoofd, ze zijn me bekend. Uiteraard. Daar staat een jeugd in Zuid-Limburg garant voor. Sint Franciscus, patroon van de dieren, om maar eens eentje te noemen, mijn favoriet, diens geschiedenis kende ik tamelijk goed .

En dan heb je hier in de Rijnmond de heilige Lidwina van Schiedam. Het meisje dat na een schaatsongeluk tot haar dood toe het bed moest houden. Ze opende keer op keer haar eigen wonden. Om maar te kunnen blijven lijden! Voor Christus onze Heer! Vandaag de dag zou die Sint Lidwina vast en zeker beschouwd worden als een psychiatrisch geval, een klassieke casus van zelfverminking. Het kan verkeren.

Wie had je nog meer?

Aan Willibrordus zou ik aandacht moeten besteden. Want die had het geloof vanuit Ierland naar de Lage Landen gebracht. En aan Bonifatius, zo laaghartig door de Friezen vermoord. Hij had wél even tevoren hun Heilige Eik laten omhakken! Bono had toch kunnen bedenken dat zoiets geheel verkeerd zou vallen…

En dan heb je, uiteraard, nog Sint Nicolaas… Alom bekend en geliefd. Op pakjesavond zelfs door notoire atheïsten!  Franciscus… Lidwina…Willibrordus… Bonifacius… Sinterklaas…had ik daarmee een middagvullend programma? Dacht het niet. Mijn kennis over heiligen was te pover…

Ik moest het Heiligenboek op de kop tikken! Er zat niets anders op. Het boek van de Rooms Katholieke Kerk, waarin aangetekend staat op welke dag welke Heilige dient vereerd te worden plus in het kort diens levensgeschiedenis. Maar hoe daaraan te komen? Ik had het contact met het geloof van mijn kindertijd inmiddels vrijwel verloren.

De enige Man Gods in Rotterdam die ik kende, was dominee Taco Noorman van de (Hervormde) Laurenskerk. Lag niet voor de hand, dat hij er het Heiligenboek van de Rooms-Katholieke kerk op na zou houden, maar misschien kon hij het Boek voor mij losweken bij een bevriende roomse geestelijke.  Taco was en is immers zeer van de oecumenische kant.  

Ik bofte. Taco Noorman bleek het boek zowaar zelf te bezitten! Ik mocht het per direct lenen.  Ik pakte de zaak nu grondig aan. Iedere avond nam ik een aantal heiligen door. Tenslotte had ik alle heiligen op een rij en kon ik met een min of meer gerust hart naar Scheveningen vertrekken. Daar zaten de vrijwilligsters al aan de koffie én… de enige vrijwilliger (de verwarmingsmonteur van de kerk, zo bleek later).

Hoe word je een heilige? Daar begon ik mijn lezing mee. Wel, allereerst diende je rooms-katholiek te zijn, natuurlijk Maar dat is bij lange na niet genoeg. Er dienen wonderen te geschieden. Minstens eentje voor de zaligverklaring. En vervolgens minstens nog eentje voor de heiligverklaring. Zo’n wonder is bijvoorbeeld sterven in de geur van heiligheid. Toen de heilige Teresia van Lisieux overleed, verspreidde zich prompt een geur van rozen door het vertrek, zo hemels, daar kon geen Chanel No 5 tegenop. Ze werd op slag heilig verklaard. Heiligen zijn immers zuiveren. Per definitie stinken die dus niet! Aspirant -Heiligen worden er om opgegraven. Blijkt hun lichaam dan na al die jaren onaangetast, dan telt dat dus zwaar voor de heiligverklaring. De dames hingen aan mijn lippen. En zelf de enige man in het gezelschap scheen geïnteresseerd. En toen werd ik overmoedig… en hoorde ik mijzelf zeggen: ‘Roept u maar! Roept u maar een heilige!’ Had ik behoefte aan een extra stoot adrenaline? Aan Gefährliches leben? Vivere pericolosamente?

Te laat. Daar begon het geroep al! ‘De heilige Johannes Nepomuk!’

‘De heilige Johannes Nepomuk was de aartsbisschop van Praag en de biechtvader van de koningin van Bohemen. Haar man, koning Wenceslaus, was een achterdochtig type. Hij dacht dat zijn vrouw er een minnaar op na hield. Indien dat zo was dan was dat natuurlijk een fikse doodzonde, die uiteraard gebiecht diende te worden. Als er dus iemand was in Praag, die zou weten wie de minnaar van de koningin was, dan was dat Johannes Nepomuk wel. Dus ontbood de koning de aartsbisschop op het paleis en verzocht hem de naam van de minnaar van zijn vrouw te noemen. Maar Nepomuk weigerde. Niks daarvan! Het biechtgeheim! Toen ontstak de koning in woede en hij liet Johannes Nepomuk met zijn tong vastspijkeren aan de brug over de Moldau!’

Zo’n verhaal hoef je maar een keer te lezen en het blijft je voorgoed bij. Eigenlijk was het amper een uitdaging. De meeste heiligen zijn zo buitenissig van karakter en/of ondergaan zulke buitenissige gebeurtenissen, dat het memoreren daarvan eigenlijk nauwelijks een probleem oplevert.

Tenslotte hield het heiligengeroep van de Dames op. En toen gebeurde het.

De man stond op, ja, de enige man! Benieuwd, welke heilige hij

En de man zei: ‘Meneer K., u bent raadslid in Rotterdam, wat denkt u van Pim Fortuyn?’

En ik hoorde mijzelf antwoorden: ‘Meneer, ik ben uitgenodigd  om over heiligen te spreken… en die Pim Fortuyn van u, dat is geen heilige!’ Waarna ik er zowaar ook nog de volgende ‘geestigheid’ uit wist te persen: 'Iemand die dark rooms bezoekt … dat is geen rooms- katholiek!” Want plotseling zag ik de overeenkomst tussen de biechtstoel en de dark room. Twee duistere ruimtes voor “loutering” zal ik maar zeggen.

Ik incasseerde de boekenbon en vertrok.

Tot overmaat van ramp ving ik in de tram terug naar het CS het volgende gesprek op tussen een Haags echtpaar en een los exemplaar van dezelfde soort.  De echtgenoot: ‘Ik ga Pim Fortuyn stemmen! Al die buitenlanders! Straks wordt het bij  ons net zo als in de Schildersbuurt!’ Het los exemplaar: ‘Zou je dat nou wel doen, Dirk? Je zit in de WAO, en die wil Fortuyn juist afschaffen…’ Haagse echtgenote: ‘Joh, dat meen je niet… Meneer Fortuyn gaat toch niet Dirkie’s uitkering afschaffen? Meneer Fortuyn is er toch voor ons, gewone mensen!'

Een buitenkerkelijke heiligverklaring!

Sint Pim, Bid Voor Ons!

En ik dacht geheel in de trant van die middag in Scheveningen: Wie gelooft wordt zalig.

Afbeelding / wikipedia.org

Rubriek Gastbijdrage

Gastauteur

We vragen met enige regelmaat aan bekende of minder bekende Rotterdammers om een bijdrage te leveren aan Stadslog. Of dergelijke Rotterdammers komen zèlf met relevante stukk...

Bekijk profiel