Het meeleesdilemma

13-10-2012 11:14

Door @SLAM

Een aantal dagen per week reis ik per trein naar Schiphol, een ritje van vijfentwintig minuten. Voor het instappen vergaap ik mij aan de vorderingen van Rotterdam Centraal. In de trein vergaap ik mij aan mijn medereizigers, voor een deel forensen uit Breda, maar vooral veel Rotterdammers die zich richting de hoofdstad begeven. Toen wij uit Rotterdam vertrokken…
 
In de trein zie ik duwers, hipsters, flirters, veroveraars, puzzelaars, praters, ellebogers, pulkers, chagrijnen, stillen, pakken, slonzen, stinkerts, werklustigen en vooral nieuwsgierigen. Tot die laatste behoor ik. Iedereen kent wel het nare gevoel dat er iemand met je meeleest of op je schermpje meekijkt. Dat doe ik. Sterker nog, ik ben er een meester in.
 
Zo kijkt er momenteel naast mij een man vertwijfeld naar zijn iPad. Ik kijk mee. Het onderwerp van zijn e-mail luidt: "VOC diner, wat doen we ermee?" Ik heb helaas niet de oplossing voor hem. Grote kans dat hij nu op mijn schermpje meekijkt, want - beste lezers - dit eerste klas stukje schrijf ik vanuit de tweede klas. In de loop der tijd heb ik vreemdgangers ontmaskerd bij het lezen van hun SMS-jes.  Fans van de Backstreet Boys heb ik betrapt door te spieken op hun MP3-speler. Als ik een Twitteraccount waarneem scroll ik door hele levens en ik heb er een kunst van gemaakt naast mensen plaats te nemen met vertrouwelijke documenten. Dagvaardigingen, doktersrapporten en begrotingen kun je beter in je tas laten.
 
En dat alles vanuit mijn ooghoeken.
 
Vanmorgen had ik het even lastig. Aan het gangpad naast mij zat er weer zo één, iemand die zijn fysieke post meeneemt in de trein en het daar door gaat nemen. Het was een brief van de Eneco. Op zich niet vreemd. Maar toen zag ik het. Hij was gericht aan een adres bij mij in de straat. Tel zesentwintig op bij mijn huisnummer en je krijgt de zijne. "Welkom, nieuwe bewoner", zei de aanhef. Opeens herinnerde ik het verhuisliftje bij mij in de straat. 
 
Nu het dilemma. Moest ik mijn medereiziger aanspreken en hem, net als de Eneco, een warm welkom heten in die prachtige straat in Rotterdam Noord? Mijn blijdschap tonen dat er iemand naast mij zit die ook is gevallen voor de sfeer van het parkje voor onze deur? Daarmee zou ik direct mijn spionagegedrag prijsgeven. Of moest ik mij stilhouden, mijn liefde voor mijn straat en mijn stad onderdrukken?
 
Op het moment dat we de Schipholtunnel inreden was mij wel duidelijk dat de brievenlezer verder zou reizen naar de hoofdstad. Ik koos daarom voor een tussenoplossing: "Buurman, mag ik even passeren?"

Rubriek Geenszins blind

@SLAM

@SLAM fungeert al sinds zijn geboorte als Rotterdammer. De liefde voor Rotterdam steekt hij niet onder stoelen of tafels (vrij naar Wijnschenk), maar is geenszins blind voor achter...

Bekijk profiel