'In Rotterdam begint de victorie'

15-12-2018 16:26

Door Hans van Willigenburg

Nagelnieuwe app ‘Restoranto’ gaat onze eten-buiten-de-deur-ervaring stroomlijnen

‘Super als je ons kunt helpen,’ schrijft Restoranto-initiatiefnemer Ralph de Groot (26) deze week in een mail aan Stadslog. En elders in dezelfde mail. ‘Ik hoop dat je geen bezwaar hebt tegen mijn spontane benadering.’ Hij zou graag zien dat we aandacht besteden aan de app ‘Restoranto’, waar hij drie jaar met een compagnon aan heeft gesleuteld en die nu, met zestig aangesloten restaurants in Rotterdam, in een soort testfase zit. Daags na het mailtje bel ik hem op. Ik zeg: ‘We krijgen heel veel van dit soort verzoekjes, maar deze sprong eruit. Dus ja, we willen best aandacht besteden aan “Restoranto”, mits jij het niet erg vindt dat het een ironisch stukje wordt, want ik ben een vijftiger, download zelden een app en heb haast nooit het gevoel dat ik daardoor iets mis.’ Ralph lacht. Nee, natuurlijk vindt hij dat niet erg, verzekert hij mij.

Teruggeworpen door lichamelijk ongemak zit ik een paar dagen later, helaas, niet in eigen persoon tegenover Ralph de Groot in Westerpaviljoen, wat de afspraak was, maar stel ik hem over de telefoon een aantal saaie wie?-wat?-waarom?-vragen over Restoranto. Behalve dat ik er tijdens het interview al snel van doordrongen raak dat uit-eten-gaan dankzij deze app van een uitje met verrassingen in een op maat gesneden tijdslot zal veranderen, dat naadloos in je agenda past (en hem nooit meer in de war stuurt), begrijp ik ook dat “Restoranto” een idealistische basis heeft: elke keer dat je een maaltijd bestelt via de app, doneer je een maaltijd aan een kind in Oeganda, hetgeen in de vlotte taal van “Restoranto” wordt samengevat als ‘You Eat, You Feed’. Alleen Oeganda? Vooralsnog wel. Het is het land waar de initiatiefnemers, Ralph dus (en Silja Thor) elkaar ontmoet hebben, vandaar hun ‘speciale band’.

Dat ik ‘goed kan doen’ door de app te gebruiken is overgekomen, nu nog de voordelen van ‘Restoranto” voor een tamelijk technofobe vijftiger als ikzelf. Wat ontbrak er tot dusver aan mijn restaurantbezoeken, zonder dat ik het zelf doorhad? En welke oplossing heeft “Restoranto” in petto voor iets waar ik me kennelijk nooit van bewust ben geweest? Als ik het goed begrijp heeft de app twee ijzers in het vuur: één, tot dusver moest ik wachten op een bestelling, en dat blijkt met de nieuwe app helemaal niet nodig te zijn, en twee, ik betaalde een vaste prijs voor wat ik had geconsumeerd, en ook dat is niet nodig, want als ik op een rustig tijdstip zo gul ben om een etablissement met mijn lichaam minder leeg te laten zijn, zorgt de app dat ik daarvoor beloond wordt via een lagere prijs. Terwijl Ralph uitlegt dat de app – hoe kan het anders? – deels via algoritmes werkt, mijmer ik of ik wachten op een maaltijd voor mezelf zou willen afschaffen, of dat ik het spelen met mes en vork, het voor me uit staren, het zeurderige gevoel van honger of dorst ondanks het bestaan van de superhandige “Restoranto”-app wil handhaven.

‘Het is vooral handig voor mensen die in hun werkpauze rustig van hun lunch willen genieten, en dan niet de helft van de tijd kwijt zijn met wachten op de bereiding,’ legt Ralph uit. ‘Met “Restoranto” kun je vooraf een bestelling doorgeven en die staat dan voor je klaar zodra je het restaurant betreedt!’ Ja, ja, superhandig, zeker…  Al kan ik me de dag niet herinneren dat ik ’s avonds naar bed ging met de gedachte dat de bereidingstijd van mijn lunch tussen mij en een succesvol leven in stond.

Om zeker te weten dat ik in verbinding sta met het sexy gilde van de jonge wijsneuzen vraag ik Ralph of we “Restoranto” een ‘start-up’ mogen noemen. Hij bevestigt dat. En schetst meteen, als om de status te bevestigen, dat hij bij investeerders langs is geweest voor, zoals dat heet, ‘het ophalen van startkapitaal’. Ik zie de investeerders voor me, geslaagde lui, die al hordes start-ups de bietenbrug op hebben zien gaan en als gevorderde chirurgen feilloos de zwakke plekken van een zoveelste businessplan weten te vinden. Ik vraag: ‘Wat heeft bij “Restoranto” de doorslag gegeven dat die investeerders dachten: kansrijk. Welk argument maakte de meeste indruk?’ Ralf heeft aan twee woorden genoeg: ‘Dynamic pricing!’ Het idee, dus, dat je op verschillende tijdstippen een verschillende prijs betaalt. Wat zowel voor de klant (lagere prijs), als voor de restauranthouder (betere bezetting) als voor de app (meer transacties) oplevert. Win-win-win. ‘Er is wel een minimumprijs!’ haast Ralph zich te zeggen, opdat ik niet denk dat ze met "Restoranto" over de rug van restauranthouders hun feestje gaan vieren en het in feite win-lose-win is.

“Restoranto” wil het nu eerst gaan maken in Rotterdam, begrijp ik van Ralph. Daar hun relevantie en gemak aantonen, is prioriteit nummer één. ‘En daarna? De hele wereld aan de “Restoranto”?’ vraag ik. ‘Dat is wel de bedoeling. Nú al krijgen we aanvragen uit Amsterdam…’ 

Rubriek Slim bezig?

Hans van Willigenburg

Hans van Willigenburg is een veelvraat. In 1989 debuteerde hij, na een studie literatuurwetenschap, als columnist bij De Volkskrant tussen 'kanonnen' als Remco Campert en Jan Blokk...

Bekijk profiel